Types of PVC flooring: from homogeneous vinyl to SPC and MFB

A complete overview of all vinyl floor types, from classic vinyl roll to SPC, WPC, VSPC, MSPC and MFB — with production methods and application areas.


1. Inleiding en afkortingen

AdvertisementYour brand hereReach flooring professionals and consumers actively seeking expert content.
More info

De vinyl- en designvloermarkt kent een uitgebreid jargon van afkortingen. Hieronder de meest gebruikte:

AfkortingUitgeschrevenBetekenis
PVCPolyvinylchlorideHet basispolymer van de meeste vinylvloeren
LVP / LVTLuxury Vinyl Plank / TileDesignvloer in plank- of tegelvorm op vinylbasis
VCTVinyl Composition TileOudste type: homogeen, tegelvorm, commercieel
MMF / EVCModular Multilayer Floor / Engineered Vinyl ClickOverkoepelende term voor meerlaagse klikvinylvloeren
WPCWood Plastic Composite (ook: Waterproof Polymer Core)Lichtere, dikkere rigide kern met schuimlaag
SPCStone Plastic Composite (oorspronkelijk) / Solid Polymer Core (nu)Zware, harde rigide kern op kalk/PVC-basis
EPCExpanded Polymer CoreLichtere SPC-variant door ingebrachte luchtbellen
EIREmbossed In RegisterReliëf dat exact is afgestemd op het gedrukte decor
IXPEIrradiated Crosslinked Poly-EthyleneHoogwaardig schuimmateriaal voor ondervloer
MgOMagnesium OxideCementvezelplaat als alternatieve kern

2. Homogene en heterogene vinyl (rol)

Homogene vinyl

PVC-korrels van verschillende kleuren worden gemengd, verhit tot pasta, opnieuw verkorreld en dan gekalanderd tot een vel. Het materiaal is monolithisch: de samenstelling is door de volledige dikte identiek. Hierdoor kan het product tot op de draad verslijten zonder aan decoratief effect te verliezen. Kenmerkende toepassing: ziekenhuizen, scholen, openbare gebouwen.

Vereist een zeer vlakke ondergrond omdat het materiaal gelijmd wordt en elke oneffenheid zichtbaar wordt.

Heterogene vinyl

Samengesteld uit meerdere PVC-lagen met een glasvezel- of polyesterdrager voor dimensionele stabiliteit. Het decor wordt gedrukt (zoals inktjetdruk), waardoor levensechte hout- en steenimitaties mogelijk zijn. Minder slijtvast dan homogeen, maar geschikt voor zwaar commercieel gebruik in de juiste slijtlaagdikte.

3. LVT dryback, peel-and-stick en loose-lay

LVT Dryback (verlijmd)

De kern bestaat uit virgin PVC of polyester. Decorfilm en slijtlaag worden gekalanderd op de kern. Het product wordt rechtstreeks op de ondergrond gelijmd. Strenge vlakheidseis voor de ondergrond (max. 3 mm op 3 m). Beschikbaar in slijtlagen tot 1 mm en meer, waardoor het ook geschikt is voor intensief commercieel gebruik.

Peel-and-stick

Een dryback LVT of loose-lay met een zelfklevende rug: verwijder de beschermfolie en plak neer. Eenvoudig voor doe-het-zelvers maar minder duurzaam dan echte verlijming. De klever kan op termijn verzwakken, waardoor planken kunnen opkomen. Residentieel gebruik enkel.

4. LVT click

Dezelfde productietechniek als dryback, maar op een dikkere PVC-kern. Vaak wordt er een glasvezellaag tussen kern en decorfilm toegevoegd voor extra dimensionele stabiliteit. De dikkere kern laat toe een kliksysteem te frezen aan de zijkanten.

Door de flexibele samenstelling van PVC is de vlakheidseis voor de ondergrond strenger dan bij rigid: LVT click volgt de contouren van de ondergrond en vergroot kleine oneffenheden zichtbaar. Het kliksysteem is doorgaans minder sterk dan bij rigide vloeren — niet geschikt voor zware commerciële belasting.

5. Loose-lay

Een dikke dryback LVT (5–7 mm) met een antisliprug, zonder enig kliksysteem. Wordt los op de ondergrond gelegd zonder uitzettingsruimte. Het gewicht en de grip van de rug houden de vloer op zijn plaats. Kan bij zeer zwaar gebruik ook worden verlijmd. Vereist een vlakke ondergrond.

6. Rigide vloeren: SPC en WPC

De meest ingrijpende innovatie in de vinylmarkt na 2010 is de rigide kern. In tegenstelling tot flexibele LVT is een rigide vloer onbuigzaam, waardoor kleine oneffenheden in de ondergrond worden overbrugd.

SPC (Stone Plastic Composite)

De kern bestaat uit een mengsel van calciumcarbonaat (kalksteenpoeder) en PVC, geëxtrudeerd tot een harde, zware plaat. Dichtheid: doorgaans 1,8–2,2 kg/m². Dimensioneel stabiel bij temperatuurswisselingen. De toplaag (decorfilm + slijtlaag) wordt via kalandering op de warme kern geperst (hotpress). Slijtlagen beschikbaar van 0,3 mm (residentieel) tot 0,7 mm (intensief commercieel).

WPC (Wood Plastic Composite)

Lichtere kern door toevoeging van houtmeel of een schuimlaag (ABA-constructie: SPC-laag / schuimlaag / SPC-laag). Beter geluidsabsorberend dan puur SPC, maar minder dimensioneel stabiel bij hoge temperaturen. Voelt aangenamer aan onder de voet door de hogere compressibiliteit.

EPC (Expanded Polymer Core)

Variant op SPC waarbij luchtbellen in de kern zijn ingebracht (ofwel in een monolithische kern, ofwel via een ABA-constructie). Resultaat: 20–30% lichter dan standaard SPC. Geschikt als kern voor PVC-toplagen, fineer (VSPC) of melamine (MSPC).

Rigide vloeren en de ondergrond Rigide SPC-vloeren overbruggen oneffenheden tot 3 mm op 1 m, terwijl flexibele LVT maximaal 1 mm aanvaardt. Toch zijn ook rigide vloeren niet immuun: grotere oneffenheden, holtes of los materiaal leiden tot kraakgeluiden of klikproblemen.

7. Nieuwe constructies (na 2018)

VSPC (Veneer SPC)

Een SPC-kern met een dunne laag echt houtfineer bovenop (afgewerkt met UV-lak of UV-olie). Geeft de dimensionele stabiliteit van SPC gecombineerd met de authenticiteit van echt hout. Vereist een zorgvuldige balans tussen kerndikte en fineerdikte (bijv. 4,5 mm kern → 0,6 mm top; 6 mm kern → 2 mm top) om opbolling te voorkomen.

MSPC (Melamine SPC)

Een SPC-kern met een melaminetop zoals bij laminaat. De slijtlaag bevat aluminiumoxide (corund), waardoor de krasbestendigheid vergelijkbaar is met AC-klassen voor laminaat. Combineert de waterbestendigheid en stabiliteit van SPC met de bewezen hoge krasbestendigheid van laminaat.

MFB (Melamine + Mineral Fibre Board)

Een melaminetop op een cementvezelplaatkern (ook: IWF — Inorganic Waterproof Flooring). De kern bestaat uit plantaardige vezels en een cementcomposiet. PVC-vrij, waterproof, uitzonderlijk stabiel (geschikt voor zeer grote oppervlakten zonder uitzetprofiel), brandvertragend (Afl-S1) en E0 qua formaldehyde-emissie.

8. Vergelijkingstabel

TypeKernInstallatieVlakheidseisCommercieel?
Homogene vinyl rolMonolithisch PVCVerlijmdStreng (<2mm/m)Ja (ziekenhuizen, scholen)
Heterogene vinyl rolPVC meerlaagsVerlijmdStrengJa
LVT DrybackPVC/polyesterVerlijmdStrengJa (dikke slijtlaag)
LVT ClickPVC (flexibel)Zwevend (klik)StrengResidentieel
Loose-layDikke PVCLos (antisliprug)NormaalBeperkt
Rigid SPCKalksteen + PVCZwevend (klik)SoepelJa (0,55–0,70 mm)
Rigid WPCHoutmeel + PVCZwevend (klik)SoepelBeperkt
VSPCSPC + houtfineerZwevend (klik)SoepelJa
MSPCSPC + melamineZwevend (klik)SoepelJa (AC-klasse)
MFBCementvezel + melamineZwevend (klik)SoepelJa (Afl-S1, E0)

Bronnen

  1. EN 16511 — Europese norm voor modulaire meerlaagse vloeren (LVT/rigid)
  2. EN 685 — Usage classn voor resilient flooring
  3. MMFA (Modular Multilayer Flooring Association) — productdefinities en normen
  4. Domotex 2023 — sectorpresentaties MSPC en MFB